Haagse PopWeek 2009; zondag 18 oktober Haagse PopWeek 2009; zondag 18 oktober

Singer-songwriters domineren zondag(middag)

, Jessica de Korte, Jet Gros en Peter de Hoog | Foto’s: Peter de Hoog en Ramond Jaggessar

Haagse PopWeek 2009; zondag 18 oktober

Singer-songwriters domineren zondag(middag)

Jessica de Korte, Jet Gros en Peter de Hoog | Foto’s: Peter de Hoog en Ramond Jaggessar ,

Welke muziek is beter geschikt voor de zondagmiddag dan de heerlijke akoestische klanken van verschillende singer-songwriters? Op de vierde dag van de Haagse PopWeek domineert deze muziekstijl dan ook het programma met bijvoorbeeld Naked, Femke, Alexander Franken en Hartog. Ook was er een speciaal onderdeel van het Shoot Me Film Festival.

Singer-songwriters domineren zondag(middag)

Welke muziek is beter geschikt voor de zondagmiddag dan de heerlijke akoestische klanken van verschillende singer-songwriters? Op de vierde dag van de Haagse PopWeek domineert deze muziekstijl dan ook het programma met bijvoorbeeld Naked, Femke, Alexander Franken en Hartog. Ook was er een speciaal onderdeel van het Shoot Me Film Festival.

In Hotel ’t Centrum wisselen vanmiddag de singer-songwriters elkaar af. Vlak voor het begin worden nog snel wat houten bankjes en stoelen naar voren geschoven, er zijn drankjes en borrelnootjes en de ruimte ruikt naar lelies. Alexander Franken mag beginnen. Deze artiest is vooral een verteller, hij brengt zijn liedjes duidelijk, afgewisseld met gedichten. Als iemand die voor het slapen gaan nog even een mooi verhaaltje vertelt. De grappigste nummers zijn de beste, zoals die over een depressieve muzikant: “Ik wil het wel, ik kan het niet, alles geprobeerd”, vervolgens een specialist die concludeert “u kunt het wel, maar wilt het niet, (...), rot nu maar op” en de flinke rekening presenteert. Tja, die kan de muzikant wel betalen, “maar dat wil hij niet”. Af en toe rijst de vraag: waar wil Alexander heen? Sommige gedichten zijn wat lang, of worden niet begrepen door het publiek. Maar daar staat weer het enorme enthousiasme van de singer-songwriter tegenover; hij krijgt iedereen stil. (JK)

Tweede act is Daniel Air, samen met MC Reflex. Deze twee jongens durven toch maar even de combinatie aan te gaan tussen hiphop en poëzie, met zware onderwerpen als depressiviteit, dementie, comazuipen en liefde. Ze zijn nog maar net in de twintig, maar hun snelheid en behendigheid met woorden is opvallend. Daniel Air brengt zijn hiphoptracks en gedichten zo gemeend, dat het duidelijk is dat hij een boodschap over wil brengen. Die is echter niet altijd te volgen en de vraag is of hij zelf wel altijd weet waar hij het over heeft. Soms mag het wat eenvoudiger. Grappig zijn de samples van onder meer een muziekdoosje en kerkgezang. (JK)

Dan is Hartog alweer aan de beurt. Een singer-songwriter met een prachtige, dynamische stem, die behoorlijk hoog kan. In gedachte hoor je de violen en cello er al bij; een band of orkest zou hier prima bij passen. In het boekje wordt Hartog vergeleken met Damien Rice en The Frames. Dát is een beetje overdrijven, want zijn songteksten blijven toch vaak hangen in clichés als ‘the sky is falling’, ‘where’s the warmth when you need it’ en ‘I rest my heart’. Toch blijft de muziek interessant, door Hartog’s vriendelijke, warme gitaarspel, de overgangen in de nummers en ja, vooral die stem. Jammer alleen dat het meeste publiek - voornamelijk muzikanten - zich inmiddels op de zachte banken achterin de zaal heeft genesteld en nogal druk met socializen bezig is. (JK)

Dan klinkt er harde hiphop in Hotel ’t Centrum: Dader en Soundburns. Een goede, zeer energievolle act, maar waarom deze twee artiesten nu hier neergezet zijn? Daniel Air paste nog wel, vanwege de poëtische insteek, maar op Dader en Soundburns moet echt gesprongen worden. Niet te doen met de kroonluchters én een publiek op hangbanken. Dader ergert zich daar al snel aan. Het begint nog lief met ‘doe gewoon een dansje, dan heb je er tenminste nog wat aan’, maar gaat al snel verder in ‘ik ga naar de werkbank, een andere baan zoeken’. Niet echt sportief. Achteraf nuanceert hij door te zeggen dat je niet moet luisteren naar wat hij allemaal uitkraamt. In bijvoorbeeld het Paardcafé was deze groep veel beter uitgekomen. (JK)

Naked is vanavond de energievolle afsluiter. Deze band doet al een aantal jaar mee, maar de bezetting is redelijk nieuw: oprichter en zanger/gitarist Arie Spaans, violist Willem Art, drummer Rick Roomer, contrabassist Rob Lagendijk en gitarist Alexei Maliy. Na alle solo- en duo acts is het heerlijk om een band te horen en wát voor een. Alles sluit goed op elkaar aan; de melodietjes van bas en gitaar, het ritme van de percussie, zo nu en dan een solerende gitaar, de warme klank van de viool. Over elke toon lijkt te zijn nagedacht, geen poespas of echotrippen, gewoon noten die er toe doen. Voortdurend wordt gewisseld tussen subtiele instrumentatie en hard spel, in allerlei stijlen. Pop, rock, zelfs een bluegrass-achtig nummer, soms tegen het geluid van The Levellers aan, maar ook weer heel erg eigen. De muziek is gebaseerd op de gelijknamige Britse film ‘Naked’ uit 1993 van Mike Leigh, over een man die niet mee wil doen met een maatschappij waarin hijzelf niet gelooft, met beschrijvende, soms ietwat filosoferende, teksten. Arie Spaans brengt elk nummer vol gevoel en je zíet de muzikanten naar elkaar luisteren. Er wordt genoten, door de band én het (veel te kleine) publiek. (JK)

In eetcafé Baklust, een relaxed eetcafeetje aan de Veenkade, spelen vanavond in het teken van Live In Your Living Room afwisselend de Rotterdamse singer-songwriter Saint Polaroid en de Haagse Femke een set. Saint (en geen Sint wordt er nog even tactisch aan toegevoegd, want het staat verkeerd op de aankondiging buiten) Polaroid opent de avond en brengt zijn nummers ten gehore met een gitaar en soms met een banjo. Ook zijn broer en een extra zangeres zijn van de partij als ondersteuning. Terwijl Baklust steeds voller stroomt, luistert het publiek stil naar de ingetogen muziek. Soms is de zang echter moeilijk te verstaan en wordt die bijna compleet overstemd door de muziek. Hierdoor gaan de teksten voor een gedeelte verloren. Jammer, want juist daar gaat het natuurlijk om bij een singer-songwriter. (PH)

Femke is vervolgens aan de beurt. Zij heeft dit keer alleen bassiste Mireille van Hilten meegenomen. Een paar dagen eerder was haar cd-presentatie in het Paard van Troje waar meer mensen op het podium stonden. Dat zij dit keer met z'n tweeën komen maakt helemaal niet uit. De nummers (natuurlijk van haar cd ‘Ready As I’ll Ever Be’ die nog even gepromoot wordt) worden erg fijn uitgevoerd en het publiek zit dan ook stil te luisteren en te genieten. (PH)

Nadat beide artiesten een set hebben gespeeld is het tijd voor een pauze waarbij er drinken, en ook nog taart, kan worden besteld bij de bar. Gedurende de pauze komt er nog een grote groep bezoekers binnen waardoor er na de pauze veel meer publiek is. Na de pauze begint Saint Polaroid wederom met het optreden. Als een van de laatste nummers brengt hij het bijzonder korte nummer ‘Jesus in my hair’ ten gehore. Vanuit het publiek wordt vervolgens geroepen dat het "fucking good" was. Vervolgens mag Femke nog een set spelen waarbij de grote Femke-klassieker ‘Bring me a flower’ op de lijst staat. Tijdens het spelen mag iedereen de beruchte fluitsolo meedoen wat dan ook ijverig door het publiek wordt gedaan. Ook buiten het stuk van de solo! Om kwart over 10 is het dan toch afgelopen met de muziek en kan iedereen voldaan naar huis. Het was een leuke avond. (PH)

Tijdens de Haagse PopWeek vindt ook het Shoot Me Filmfestival plaats. In de Strijkijzer bij Hollands Spoor op de 42ste verdieping kun je films en documentaires kijken, op de begane grond kun je na afloop nog een drankje doen. Vandaag was het de beurt aan twee Amerikanen die een documentaire over Jamaica en hun reggae gemaakt hebben. ‘Louder than words’ is een documentaire die goed weergeeft hoe de wereld in elkaar steekt in Jamaica. Als je daar woont en je wilt wat geld verdienen, dan ga je of drugs dealen, of je gaat de muziek wereld in. Ze volgen Trooper, die brutaal genoeg is geweest om zich de muziekwereld in te praten. De documentaire geeft je het gevoel dat je een soort van gangster aan het volgen bent. Aan het einde van de film wordt het tegendeel bewezen. Trooper wil wel een monster zijn, maar is het niet. Hij wil nooit meer het gevoel van honger hebben, dit verteld hij met ‘oogwater’ in zijn ogen.

Na afloop van de film gaan we met de lift, die hard naar beneden zoeft, naar de begane grond. Omdat het natuurlijk de week is van de Haagse PopWeek is er speciaal een feestje aan de documentaire vastgeknoopt, met Jahva Sound System achter de draaitafels. Het is totaal niet druk en dat zal het ook niet worden. De promotie vanuit Shoot Me is uit gebleven, waardoor eigenlijk niemand afweet van dit feestje. Toch hangt er zeker een goede sfeer en de muziek is relaxed. Muziek waar je lekker losjes op kunt bewegen. DJ Vinz en Special O vermaken ons daarna met fijne hiphop deuntjes. Om half twee is het moment aangebroken dat de zondag van de Haagse PopWeek en Shoot Me wordt afgesloten. Lekker naar huis, je bed in kruipen en morgen weer hard aan het werk.

Nu op 3voor12