C'est Qui? uit zich tegen vrouwenhaat

Utrechtse punkband kanaliseert woede in snoeiharde, activistische single

  • Marit Rijkeboer

Punk was altijd al boos, maar op ‘WTHW’ (World That Hates Women) maakt C’est Qui? die woede concreet. ‘Ik ben best wel een hater,’ zegt vocalist Jazz, doelend op alles van misogynie tot ongelijkheid. Het resultaat: een felle punktrack die zich zonder omweg keert tegen een wereld die vrouwen nog altijd tegenwerkt.

Punk begon in de jaren zeventig als tegencultuur: een rauwe reactie op economische malaise en maatschappelijke onvrede. Maar anno 2026 lijkt de lijst met frustraties alleen maar langer geworden. C’est Qui? voelt die urgentie ook. Of, zoals vocalist Jazz het zelf al samenvat:Ik ben best wel een hater.’ Ze lacht erbij, maar meent het ook.Ik ben tegen misogynie, tegen racisme, tegen fascisme, tegen homo- en queerhaat, tegen ongelijkheid. Ik ben tegen best veel.’ En die woede wordt niet weggestopt, maar juist opgepompt: verpakt in een activistische punkjas die zo hard mogelijk de zaal in wordt geslingerd. Op hun nieuwe single ‘WTHW’ (World That Hates Women) richten ze hun vizier op vrouwenhaat.

© Jessie Kamp

Het viertal, Jazz (vocalen), Otje (bas), Kiki (gitaar) en Leander (drums), vond elkaar deels op de Herman Brood Academie, maar ontstond pas echt buiten de muren van de opleiding. Na een succesvolle Popronde-tour, een plek in de 12van3voor12, een track op de eerste editie van de Girls to the Front-compilatie en een overtuigende show op ESNS gaat het hard: komende zomer staan ze op festivals als Best Kept Secret, Into The Great Wide Open en Dauwpop. Verwacht geen bedachtzame indie-show. ‘Helemaal losgaan, beuken,’ zegt Leander. Otje reageert: ‘Vooral dingen kapot maken.’ Want punk, dat is voor hen nog steeds simpel: keihard tegen dingen aantrappen.

Tosti zonder kaas

‘Ik zou letterlijk een bijbel kunnen schrijven over misogynie. Maar dat past niet in een liedje,’ zegt Jazz over ‘WTHW’. Dus kiest ze haar momenten. De directe aanleiding was het nieuws dat vrouwen in Afghanistan een spreekverbod kregen. ‘Ik zat huilend in de trein. Ik was zo boos. En toen heb ik dit geschreven.’ Dat punk en activisme hand in hand gaan, staat voor de band niet eens ter discussie. ‘Apolitieke punk is als een tosti zonder kaas,’ zegt Otje. ‘Het is wel geroosterd brood, maar er zit gewoon niet zoveel in.’ Jazz knikt: ‘Als je jezelf een punkband noemt, maak het dan politiek. Of spreek je in ieder geval uit.’

C’est Qui? doet dat zonder filter. Ze hebben een nummer dat simpelweg ‘Genocide’ heet, waarin Jazz uithaalt: ‘This is a genocide, how can you be nonchalant, how can you not care?!’ Maar het vaakst keert ze terug naar feminisme. ‘Dat ligt voor mij het dichtst bij. Het is iets dat mij elke dag aangaat. Maar er zijn duizend andere dingen net zo belangrijk. Ik ben ook maar gewoon iemand. Ik kies gewoon iets waar ik mijn energie op gooi.’ Perfect activistisch zijn is onzin, vindt ze. ‘Ik geloof niet dat je honderd procent ethisch kan leven. Dat kan gewoon niet.’

Ook binnen de rest van de band is die drang voelbaar. ‘Ik voel me vaak machteloos,’ zegt Otje. ‘Wat kan je doen? Buiten stemmen en activistisch zijn is erover kunnen schreeuwen op een podium en Jazz daarin te backen heel fijn.’ En misschien nog belangrijker: wie er vóór dat podium staat. ‘Harde muziek is zo’n man-gedomineerde wereld. Best wel oude witte mannenmuziek. Maar als ik bij onze shows allemaal jonge FLINTA-, girl- en queer mensen zie, dan denk ik echt: let’s go.’

Accepteer de 'social' cookies voor deze 'spotify'-embed.

cookie-instellingen aanpassen
WTHW