Album van de Week (3): Antoon
Popster wil naar Biddinghuizen met knalproblemen en breakbeats over rouw
‘Kom, we steken heel Lowlands in de fik’, rapt Mula B op ‘Als Ik Ga’. Antoon solliciteert naar de Alpha, zoveel is wel duidelijk bij het horen van dit derde album van de 23-jarige popster. Neem de loeiharde zagende synth-outro van ‘Chaos’: Human Resource meets The Prodigy, en het zou zijn ‘De Formule’ kunnen worden. Je hoort heel Biddinghuizen toch al schreeuwen? ‘Heujjjjjjjj! Hooooooo!’ Neem ook die lekker smerige beat van ‘Knalprobleem’ (dat ook een geluidje van Jaydee’s houseclassic lijkt te lenen). En de keiharde tune ‘Vergiftiging’ met Ray Fuego: ‘Ik ben door het dolle heen, gek en alles eromheen.’
Dit is Antoon’s Slapeloze Nachten, grotendeels zelf geproduceerd en vaak ook samen met zijn mentor Twan van Steenhoven (Big2 van The Opposites). Zoals The Opposites dertien jaar geleden hiphop, pop en gabbercultuur samenbalden voor een serieuze partyplaat met de Lowlands-mainstage in het achterhoofd, zo doet Antoon dat nu met zeroes pianohouse, bigbeat, breakbeat en trance in een hedendaags jasje.
Een enkele keer levert dat studentenkroegmuziek op (‘Sta jij niet veel te hard te gaan voor iemand met een hockeyrokje aan?’, uit ‘Hele Leven Lang’) maar achter de extase schuilt ook een verdriet. ‘Stop met vragen hoe het met me gaat’, spuwt Antoon grimmig op ‘Vergiftiging’, ‘het gaat niet goed, het gaat niet slecht, ik ben in elke staat.’ Nota bene de allereerste zin van het album: ‘Ik vind mijn stilte in de chaos, het geluid van euforie dendert dwars door me heen. Ik geef me over en ik laat los.’ Drank klotst tegen de plinten en Antoon gaat op zoek naar iets of iemand om de leegte op te vullen.
En dan, diep in de nacht, hoort hij haar stem. Zijn overleden moeder, die uiteindelijk de kern vormt van het album. Op de titeltrack gaat hij met haar in gesprek. ‘Geen dag gaat voorbij dat ik niet aan je denk. En soms ben ik bang dat ik vergeet hoe je me aankeek. Alles wat ik beloofd had, heb ik gedaan. Toch is het loodzwaar om verder te gaan.’ Kortom: er is niet één manier om met rouw om te gaan. Het ene moment probeert hij het verdriet te verzuipen en klampt hij zich vast aan de eerste de beste die hem wat liefde wil geven, het volgende moment voelt hij toch de aanwezigheid van zijn moeder en voelt hij zich gedragen. Maar hoe hij het ook wendt of keert, het gemis went nooit, het verdriet wordt niet minder. En in het slotnummer concludeert Antoon: ‘Alles wat ik doe is voor haar.’ Rouw als brandstof voor massale euforie. Lowlands, kom maar door!