3voor12 bespreekt Award-genomineerde Jungle By Night

The Hunt is een diepere en donkerder tweede album

Atze de Vrieze ,

Nog voor ze ook maar een EP uit hadden, was Jungle By Night al een graag geziene gast op zo’n beetje ieder zomerfestival. Maar de negen Amsterdammers willen veel meer zijn dan de ideale zomerband die op ieder gezicht een glimlach kan toveren. The Hunt is een dieper en donkerder tweede album.

Je zal maar vanaf het allereerste begin te horen krijgen dat je geweldig bent, zoals Jungle By Night. Ja, ze hadden het tij van de jeugd mee, maar ze konden ook verdomd goed spelen. Ze waren curiosa en serieus te nemen act tegelijk, deze scholieren uit een goed Amsterdams milieu die de Afrikaanse funk beheersten alsof ze door Fela zelf als vondelingen opgevoed waren. Maar Jungle By Night wil overduidelijk meer. Meer nog dan het authentiek naspelen van de hypnotiserende Nigeriaanse muziek, wil de band bezweren. The Hunt is het resultaat van een paar jaar studie op de muziek die die werking op de bandleden zelf heeft. Afrikaanse muziek, maar ook Turkse psychedelica uit de 70s, hedendaagse gekkigheid uit Colombia, cultsoundtracks en de house waar hun label Kindred Spirits van nature al verwant aan is.
 
Jungle By Night had zich kunnen storten op een project vol gastzangers en -rappers. Het had een Kyteman Orchestra-achtige situatie op kunnen leveren, met een overdaad aan ideeën zonder rode lijn. In plaats daarvan heeft het negenkoppige gezelschap ervoor gekozen juist nog hechter te worden. Vooral live neemt dat haast angstaanjagende vormen aan, maar ook op The Hunt klinkt de band strakker dan ooit. De ritmesectie - niet alleen bassist Peter Peskens en de bijzonder toffe drummer Sonny Groeneveld, maar ook de twee percussionisten - zorgt voor stevige, originele grooves, toetsenist Pyke Pasman komt met serieus rare invullingen voor de ruimte die hij krijgt. En die krijgt hij, vooral omdat Jungle By Night vaker het tempo omlaag brengt.
 
Het spooky keyboard in Desdemona bijvoorbeeld lijkt zo weggelopen uit Joe Meek's buitenaardse studio-experimenten uit de space age, het ongrijpbare gitaarlijntje maakt het extra spannend. In Tasmatica probeert Pasman de blazers uit te dagen nog zenuwachtiger tegen hem aan te janken. Cherokee is een late night slow surfsong met Hammond-solo. Ook hier treden toetsen meer dan ooit op de voorgrond. Gitarist Jac van Exter pakt dan weer zijn moment in Piranha. Er is ook ouderwets spul met vaart. Jakten maakt de albumtitel het meest waar, het is typische achtervolgingsmuziek uit een coole b-film. The Move is een early 70s JB's cut à la The Grunt, het territorium van knetterende blazers en percussie. De blazersarrangementen zijn niet het spannendste element in de JBN mix, wel het meest prominente. Die blazers vertolken vaak een soort lead-rol, ze maken de melodie en fungeren zowel in de studio als op het podium als leiders.
 
Zo pakt iedere muzikant wel ergens zijn moment, zonder de groove in de steek te laten. Dat is toch uiteindelijk het belangrijkste bij Jungle By Night op dit moment. Het is niet makkelijk om killer liedjes te maken zonder vocalen, en dat blijft toch een beetje het zwakke punt van Jungle By Night. Maar dat maken ze ruimschoots goed met de speelse manier waarop ze muzikale ideeën met elkaar in de slag laten gaan, en die ideeën gaan nu een stuk dieper dan twee jaar geleden. Sommige van de jongens doe nu serieuze studies, die niets met muziek te maken hebben. Laten we hopen dat ze er hierna minimaal nog een magnum opus uit knallen.