ESN26: Gotu Jim is de gateway drug
Op zoek naar een afterparty
Het is half 1, we zijn de finale van Noorderslag in gegaan, de vusten bier zijn een heel eind leeg, er wordt al overgestapt op andere middelen, mensen worden rustelozer. Dé vraag: ‘Waar is de afterparty? Bij jou? Bij jou?’ De man die hem stelt: Gotu Jim. Kies maar: gaan we in een k-hole in de grond? Of zwemmen in de XTC? Hoe dan ook: ‘Ik heb drugs en we gaan dansen.’
Die melancholische maar zéér herkenbare naar-de-getver-teksten maken van Gotu Jim een gateway drug, want plat is zijn muziek absoluut niet. Sterker nog: hij prakt behoorlijk vooruitstrevende genres tot een verraderlijk makkelijk te verteren hapje voor dit studentikoze publiek, dat heus niet kan benoemen dat opener ‘Sex In The City’ eigenlijk een soort hyperpop-trap is. Dat ‘Koortsdroom’ begint met een stukje jersey club. Dat ‘Visioenen’ een extra experimentele synthlijn meekrijgt. Let maar eens op hoe druk die drumcomputerguy en twee synthesizerjongens in de weer zijn. Te gek, die ontstemde harpsichord in ‘Gezeik’, de knipoog naar MGMT in ‘Spookstad’ en de stevige trancey beat die oudje ‘Oranje Etiket’ meekrijgt. Knaldrang vanuit de voorhoede, heel goed.
Het oordeel: geen Lowlands-mayhem vandaag, Noorderslag ging 7,3 op de schaal van Karbonkel.
Het nummer: 'Misschien (Kwijt)'