Twee dagen feest op het GDMW Festival Twee dagen feest op het GDMW Festival

Volgend jaar weer graag!

, Remco van der Toorn,

Twee dagen feest op het GDMW Festival

Volgend jaar weer graag!

Remco van der Toorn, ,

Het is koud, nat en het waait hard als ik verwelkomd word door een vuurspuwer bij de ingang van de Rotterdamse Schouwburg. In het licht van een onophoudelijke stroboscoop aan de gevel zie ik hoe groepen geëngageerde twintigers en dertigers verwachtingsvol naar binnen gaan. Behalve het programma waarop de namen van diverse bekende dichters, bands en cabaretiers staan vermeld, heb ook ik geen idee wat het Geen Daden Maar Woorden Festival precies behelst.

Volgend jaar weer graag!

Vrijdagavond 3 oktober. In de persruimte word ik warm onthaald door een flinke ploeg van enthousiaste vrijwilligers die zorgdragen voor een soepel en plezierig verloop van het festival. Ook in de hal van de schouwburg, waar diverse loungebands en DJ's elkaar afwisselen, hangt een gemoedelijke sfeer. Er zijn kraampjes met informatie, boeken en cd's, tafeltjes waar je gezellig kunt zitten en ook bij de bar schuifelen mensen schouder aan schouder voor een lekker wijntje, biertje of een glaasje fris. Het is gezellig druk in de grote zaal als het officiële programma begint met de première van het filmportret van Abdelkader Benali, een oude schoolkameraad van ondergetekende. De stoelen voorin de theaterzaal hebben plaatsgemaakt voor kussentjes alwaar het publiek, na enige aanmoediging van de presentator, zich gewillig neervlijt. Het wijdse openingsshot van een schilderachtig Marokkaans landschap, waarin we Abdel volgen tijdens een van zijn vele hardloopsessies, is indrukwekkend te noemen. 'Marathonloper' is de titel van zijn nieuwste boek en dient als rode draad voor de film waarin thema's als jeugd, familie, de hang naar succes en de terugkeer naar zijn geboortedorp ons een kijkje geven in het hoofd van deze getalenteerde schrijver. De geïmproviseerde toespraak van Abdel na afloop neemt ons nog verder mee in de fascinerende wereld van deze intellectuele slagerszoon. Ondertussen is het behoorlijk druk geworden in de kleine zaal alwaar aandachtig wordt geluisterd naar schrijver en dichter J. Bernlef (Hendrik Jan Marsman). Het werk van Bernlef sleepte terecht diverse prijzen in de wacht waaronder de AKO Literatuurprijs. Desondanks vind ik de voordrachten te wollig en ouderwets om mij lang te boeien. Daarom begeef ik mij na een tijdje richting grote zaal voor Tommy Wieringa die uit eigen werk leest. Joost schetst ons op cynisch-komische wijze de wereld van 'Roeshoofd' een door hem geschapen personage met een duidelijke persoonlijkheidsstoornis en/of andere psychiatrische aandoening. De voordacht is toegankelijk, grappig, bizar en is voorzien van een goede ritmiek waardoor het prettig luisteren is: het publiek buldert van het lachen en heeft een groots applaus voor Joost in petto. Zangeres Ellen ten Damme en dichter Ilja Leonard Pfeijffer wisselen elkaar af in de grote zaal. Hierbij leest Ilja eerst een gedicht waarna het vervolgens door Ellen en haar band als song over het publiek wordt uitgestort. Het optreden is professioneel en mag gerust subliem genoemd worden. Ellen beweegt zich daarbij over het podium als de rock'n'roll diva die ze is. Enige jammere is dat, door het ontbreken van de stoelen, het publiek zich leunend tegen de wanden van de zaal heeft geplaatst en de afstand hierdoor te groot is om een daadwerkelijke vonk te laten overspringen. Herman Koch, bekend van TV (Jiskefet), is charismatisch. Het publiek hangt met gulle lach aan zijn lippen wanneer hij enkele anekdotes vertelt over het wel en wee van een klassenleraar. Als daarna schrijfster Renate Dorrestein ten tonele verschijnt met een verbitterd biografisch verhaal over haar overleden zusje – die zichzelf vandaag precies 25 jaar geleden van het leven beroofde – slaat de stemming om en dondert de feestvreugde in elkaar. Het is aan de band Moke om dit weer enigzins recht te zetten. Na een moeizaam begin, waarbij voornamelijk de band zelf moet acclimatiseren, slaat de vonk dan eindelijk over. Een optreden op Lowlands voor een paar duizend schreeuwende fans blijkt toch wel even wat anders dan in spelen een kalme theaterzaal. Doch halverwege de set raakt men enthousiast en begint het publiek te dansen in de zaal en zelfs op het podium, op uitnodiging van de band. De eerste dag van het GDMW Festival zit erop. Terwijl er in de kleine zaal nog een disco-afterparty in volle gang is, begeef ik mij huiswaarts om bij te komen van een geslaagde avond en om bij te tanken voor dag twee. Zaterdag 4 oktober. Ik kom pas laat weer aan bij de Rotterdamse Schouwburg. Het bezoekersaantal is aanzienlijk gestegen ten opzichte van gisteren. In de persruimte is enige verwarring ontstaan over de kleur van de polsbandjes, maar dit probleem wordt snel opgelost door de organisatie. Van goede vriendin Denise Krol – getalenteerd aspirant journalist en werkzaam voor het beste nieuwe tijdschrift van het jaar 'Hollands Diep' – hoor ik wat ik allemaal heb gemist: Haar hoogtepunten tot zover zijn schrijver Arthur Japin en zanger Gabriel Rios die – in tegenstelling tot zijn optreden op Lowlands eerder dit jaar – nu in zijn eentje en met slechts een gitaar op het podium staat. Door deze setting is hij wat nerveus en vergeet hij zo nu en dan zijn tekst. Desondanks is het optreden "overtuigend en betoverend". Coen Geertsema, van organisator 'Passionate', vindt vooral de show van Tahiti Boy & The Palmtree Family erg goed: Voor het gemak waarmee deze band zich in één nummer door alle mogelijke muziekstijlen beweegt, heeft hij veel waardering. Nog net op tijd begeef ik mij naar de grote zaal voor Hans Teeuwen die vanavond als zanger-met-band optreedt. De Sinatra covers, waaronder The Lady Is A Tramp en Please Be Kind, gaan hem goed af. Dat zijn muzikaliteit groot is, wisten we al van zijn vele gelouterde voorstellingen als cabaretier. Hans beweegt zich vanavond als een motorische getergde vis in het water, balancerend op de grens van serieusheid en waanzin. De zaal is tot de nok toe gevuld en er wordt driftig geflirt met de dames in het publiek. Telkens als er een fotograaf opduikt voor het schieten van een mooi shot, draait Hans zich naar de camera en neemt hij een idiote pose aan (Ik verheug mij op de foto's). Tegen het eind van de set kondigt hij aan dat er nu een aantal nummers eigen werk volgen en grapt dat daarmee de pret voor hém begint en voor ons is afgelopen. Als toegift volgt er nog het Sinatra nummer Fly Me To The Moon. Daarmee is het officiële programma van het GDMW Festival – op de afterparty na – aan zijn eind gekomen. Mijn conclusie: volgend jaar weer!
Tags

nu op 3voor12