El Pino & The Volunteers live: geen urban, maar rural uit Rotterdamn! El Pino & The Volunteers live: geen urban, maar rural uit Rotterdamn!

Spelen op gekke plekken

, Tekst: Ben Stam Foto's: Daniel Baggerman,

El Pino & The Volunteers live: geen urban, maar rural uit Rotterdamn!

Spelen op gekke plekken

Tekst: Ben Stam Foto's: Daniel Baggerman, ,

“Als je altijd in een pick-up truck over de rock’n’roll highway dendert, is het best eens lekker om de huifkar te pakken en je in alle rust door koetsier El Pino te laten voeren door subtiele variaties in het muzikale landschap, die je normaal gesproken ontgaan.”

Spelen op gekke plekken

“Als je altijd met een pick-up truck over de rock’n’roll highway dendert, is het best eens lekker om de huifkar te pakken en je in alle rust door koetsier El Pino te laten voeren door subtiele variaties in het muzikale landschap, die je normaal gesproken ontgaan.” Dat is het gevoel dat me bekroop toen El Pino & The Volunteers zaterdagmiddag 31 maart een in-store optreden gaven in de metalkelder van platenzaak Sounds te Rotterdam. De lage, donkere ruimte was aardig gevuld met divers publiek. Zowel voor publiek als band was het weer eens wat anders. Geen bier en rook, maar de alternatieve country die deze Rotterdammers maken, ging erin als een shot whisky in een dorstige cowboy. Je zou zweren dat je naar een Amerikaans bandje stond te kijken, ware het niet dat de aankondigingen gewoon in Algemeen Beschaafd Rotterdams waren. Een dik uur later stond iedereen tevreden weer op straat in het late middagzonnetje. Een prima voorproefje voor het optreden op donderdag 5 april, op een ook al niet zo voor de hand liggende plek, in theater Lantaarn/Venster. In een goedgevulde ‘zaal één’ van het theater gaat Storybox, het voorprogramma, van start met het eerste nummer. De muzikanten zijn in het begin nog een beetje naar elkaar op zoek. Dan komt de vaart erin. Storybox maakt muziek vergelijkbaar met El Pino & The Volunteers: een mix van roots, americana en country. De bezetting bestaat uit drummer Frank Gorter, bassist Niels de Rooij, zanger/gitarist Helge Slikker en gitarist/banjoïst Oscar Buma. Laatstgenoemde maakt regelmatig gebruik van een ‘slide’(pijpje om één van de vingers wat over de snaren op de gitaar-/banjohals glijdt). De muziek heeft een wat ‘luie beat’. Nummers beginnen vaak rustig, maar worden zorgvuldig opgebouwd naar een uitbarsting die behoorlijk rockt. Zanger Helge Slikker heeft een warme, iets ruwe stem. Hij wordt ondersteund door mooie backing vocals van bassist Niels de Rooij. Tijdens het vijfde nummer, Tonight, ruilt Helge de gitaar even in voor een stagepiano. Langzaam wordt het pianoliedje naar een climax gebracht. Mooi! De luisterliedjes komen goed tot hun recht in een theater, waar het publiek zit op pluche. Bij het achtste nummer, over een trein vol geliefden, op weg naar Parijs, komt er een zweem parfum in mijn neus. Zal wel toeval zijn, maar toepasselijk is het wel. Na nog een liedje, dat ook op het album A Fool’s Attempt te vinden is, zit de tijd erop en verlaat Storybox het podium. Leuke band, in de gaten houden, die jongens. Als El Pino & The Volunteers, een kwartier later, het hoofdprogramma begint, is elke stoel bezet. Een theaterconcert waarbij het publiek zit, heeft als voordeel dat toeschouwers stiller zijn. Dat in combinatie met het kraakheldere geluid maakt dat de muziek goed te volgen is. El Pino & The Volunteers begint met twee gitaren en zang. Daarna komen bassist Elstar en drummer Mr Willfull Wout erbij. Zanger David El Pino heeft een hoge, heldere stem, die moeiteloos over het bandgeluid heenkomt. Al bij het eerste nummer word je door de ritmesectie op het verkeerde been gezet door een verrassende beat. Tijdens Moody Street komt Harm Goslink Kuiper met zijn accordeon erbij, die hij gedurende het concert gebruikt naast lapsteel en banjo. Variatie is ook te zien bij drummer Wouter de Waart. Regelmatig wisselt Wout van speelgerei; brushes, rods, sticks en paukenstokken. Dit zorgt voor subtiele dynamiek tijdens het optreden. Langzaamaan worden songs heftiger, uitbundiger. David speelt een themaatje op melodica (zo’n mondorgel), wat door Harms op accordeon wordt overgenomen. Ondertussen trekt gitarist Tjirk alias B.Bender het melodicaslangetje bij David El Pino uit zijn mond. In theater lijken zulke kleine dingen uitvergroot te worden. Het is bijna slapstick. Het nummer hierop is de lapsteel weer aanwezig. Brushes en sticks worden afgewisseld op de drums en ook bassist Elstar krijgt even gelegenheid om te freaken. David speelt een ijle gitaarsolo op een elektrische hollowbody gitaar, en laat hem beheerst feedbackend liggen bij de box, om het nummer voort te zetten op akoestische gitaar. Prachtig, een klein nummer groot opblazen naar een crescendo op 2/3 en dan weer terug naar het kleine begin. Doodleuk opent David het volgende liedje met een crimineel vrolijke riff. Als de banjo erbij komt hoor ik “yee-hah!” in mijn hoofd. ’k Zie scènes van The Dukes Of Hazard voor me. Waar blijft Roscoe P. Coltrane nou? “Giddum, Flash!” Of is het toch Edsul de Stadswacht? Urban kun je de muziek van deze Rotterdammers toch niet noemen. We belanden in These Are Not The Days, een ouwetje van de eerste gelijknamige single uit 2001. En daarna een nog naamloos nummer. De klappen op de floortom (trommel die met pootjes op de grond staat) geven het nummer iets dreigends. David pakt de hollowbody er weer bij voor een indrukwekkende solo, om vervolgens weer terug in het liedje te keren. Muzikanten lopen het podium af. Drummer Mr. Willfull en banjoman Goslink blijven achter. De shaker in Mr Willfull’s hand dwingt Goslink door te blijven spelen op zijn transparante banjo. Leuk dat spel tussen deze twee muzikanten. Een sterk einde. Hoewel… de snaarinstrumenten worden gestemd. Dus een toegift. Het dorstlessende gerstenat moet nog maar even wachten. De gitaristen en bassist beginnen weer te spelen en er wordt driestemmig gezongen. Een smaakvolle gitaarsolo, waarna drums en accordeon erbij komen. Een groep brandende kaarsen, die ogen als flatgebouwen, worden geprojecteerd op het doek achter de band. Er volgen nog een paar nummers, waaronder het snelle ouwetje The Loose. Nu klinkt er ook ‘yee-hah!’ uit de zaal. Bij het laatste nummer wordt Steve Earl nog even aangehaald, en dan is het tijd voor de bar. Ik heb een prima band hele mooie liedjes horen spelen in een aparte ambiance. Ik spring van de bok, groet de koetsier en zie de huifkar in een stevig tempo de Gouvernestraat uitrijden. Denk dat ik die auto maar eens wat vaker laat staan.

nu op 3voor12