Karate: geen bloed, zweet en tranen… Karate: geen bloed, zweet en tranen…

Maar wel intensiteit waarbij woorden tekort komen

, Danny Lelieveld,

Karate: geen bloed, zweet en tranen…

Maar wel intensiteit waarbij woorden tekort komen

Danny Lelieveld, ,

Het is gemakkelijk om te schrijven over ‘bloed, zweet en tranen’ of ‘sex, drugs & rock ‘n’ roll’. Het is gemakkelijk om lovend te zijn over de intensiteit waarmee de zanger van die ene band, sex bedreef met zijn microfoon. Het is ook gemakkelijk om te vertellen hoe het publiek veranderde in een kolkende massa. Bij Karate, afgelopen zaterdag in Waterfront, ligt het net iets moeilijker. Er gebeurde namelijk bijna niets op het podium.

Maar wel intensiteit waarbij woorden tekort komen

Het licht in Waterfront was wit en statisch. Karate bassist Jeff Goddard deed soms een stapje naar voren, soms eentje naar achteren. Het gezicht van zanger/gitarist Geoff Farina toonde weinig, vertrok nooit, en zweet was nergens te bekennen. Zelfs drummer Gavin McCarthy was, behalve voor andere drummers, weinig spannend om naar te kijken. De manier waarop gespeeld werd, was subtiel op manieren die ik, met mijn matige muziektechnische kennis, niet beschrijven kan. Ik kon horen dat niet alleen elke noot op zijn plaats was, maar dat deze ook met precies de juiste intensiteit gebracht werd. De nummers volgden elkaar perfect op. De diepere, emotionele songs van de albums Unsolved en Pockets werden op het juiste moment afgewisseld met de meer ‘ruige’ nummers van eerdere platen. Een zeer sterk uitgebalanceerde setlist, waarin zelfs een paar Minutemen covers (eerder dit jaar opgenomen bij een In The Fishtank sessie van Konkurrent) een aanvulling bleken te zijn. Er was een kleine jam hoorbaar halverwege het concert. En ik heb me laten vertellen door een Karate-veteraan, dat dit een bijzondere aangelegenheid was. Hij had dit in de zes keer dat hij Karate had gezien, nog niet meegemaakt. Het concert eindigde met This Day Next Year, een nummer waar je letterlijk in kan verdrinken. Een klein landschap van gitaar, bas en drums, langzaam groeiend naar een climax waar het moeilijk is om de (vreugde) tranen binnen te houden. De waardering die volgde was alles behalve schaars. Het hevige applaus werd dan ook beloond met een twee nummers durende toegift, bestaande uit Diazapam en The Same Stars. Twee nummers van ‘dat ene album met die lego blokjes er op’, ofwel The Bed Is In The Ocean. Publieksfavorieten van het album waar volgens velen het rock-achtige ‘oude’ Karate, het beste is uitgebalanceerd, met het jazzy gevoel van later werk. Dit was één van de mooiste concerten die ik ooit bij heb mogen wonen. Het kippenvel was daar bij het begin van het eerste nummer, en bleef tot het einde van het laatste. Ik sloot, net als vele anderen in het publiek, mijn ogen, en voelde de passie waarmee de muziek gebracht werd. Het werd me langzaam duidelijk waar het wel om ging. Het was alweer een tijdje geleden, dat ik op deze manier ontroerd ben door muziek. Ergens wist ik van tevoren dat de drie heren van Karate dit voor elkaar zouden krijgen, en dat hebben ze dan ook echt gedaan…
Tags

nu op 3voor12