Ze maakten furore met liedjes over gewone mensen met een gewoon leven, en toen sloeg dat leven toe als een mokerslag. De Popprijs voor Suzan en Freek moet een wrange bijsmaak voor ze hebben gezien de ziekte van Freek, maar het laat ook zien wat de kracht van muziek is. 'Eerst geloven, dan zien’, aldus Freek.

‘Het is een emotionele avond voor ons vanavond’, zegt Freek Rikkerink, naast hem zijn vrouw Suzan met een sculptuur in haar handen en achter haar een cheque van €10.000 euro. ‘Niet in de laatste plaats omdat dit na zeven weken ons allereerste uitje is als kersverse ouders. En dan meteen uit naar Groningen! Suzan heeft gekolft in de auto hier naartoe en de oppas heeft ons net een foto gestuurd van de slapende Sef. Ja, het is slecht gesteld met de staat van rock'n'roll in Nederland.’

Suzan en Freek weten als geen ander hoe Nederland naar ze kijkt. Als dat normale stelletje ver buiten de Randstad, ver van de hipheid en het gedoe. Waar ‘s nachts zonder jas door de regen naar huis fietsen of de muziek een keertje zo hard zetten dat de buren het misschien wel horen voelt als ‘echt leven’. Verre van revolutionair, maar juist daarom herkenbaar voor een enorm publiek. Hun liedjes gaan over liefde en hartzeer, over genoegen nemen met een thuis in een dorp waar het stil is aan de overkant. Over hoe je dromen niet per se tot de hemel hoeven te reiken, als je elkaar maar hebt.

Vaak levert conflict de meest interessante popmuziek op. Zo had de jury kunnen kiezen voor Sef, die met lieve monsters een waanzinnig album uitbracht dat probeert woorden te geven aan de angsten en vragen die de maatschappij in hun greep hebben. Over oprukkend fascisme, vreemdelingenhaat en pervers kapitalisme. Zie ook Merol, die direct na de huldiging van Suzan en Freek in hun plaats een show geeft die haaks op die van het duo staat. Het gaat over haar lichaam, haar seks en haar kinderwens, en de schaamte die daarbij komt kijken. ‘Kun je een popster zijn én moeder worden’, vraagt Merol zich af in een kinky outfit, met vet haar en uitgelopen make-up. Haar show is punk, confronterend en ongemakkelijk, mensen lopen weg of blijven vertwijfeld achter. Natuurlijk krijgt Suzan een shout-out van Merol. ‘Zij bewijst dat het kan.’

Terug de bühne op

Suzan is de zwijgende aanwezige vanavond. Freek voert het woord, dat kan hij goed. Zij staat er naast, duidelijk geëmotioneerd. ‘Niet in de laatste plaats’, zei Freek net, niet in de laatste plaats omdat ze kersverse ouders zijn en zij nog middenin haar zwangerschapsverlof zit. Waarom het in de éérste plaats een emotionele avond is benoemt hij niet, maar weet iedereen: omdat hij ernstig ziek is. Het heeft een zwarte sluier over hun jaar gelegd, maar ook wrang genoeg hun werk nieuw gewicht gegeven, dat mede heeft geleid tot deze Popprijs. Na het nare nieuws maakte het duo grote indruk door snel naar het afzeggen van hun tour juist met extra veel overtuiging terug de bühne op te stappen en het risico te nemen voor tien uitverkochte stadionshows. Let wel: die zijn onder deze omstandigheden niet te verzekeren. Suzan en Freek gaan all-in, en dat roept bewondering op.

En dan is er de muziek zelf. Het was vooral het oude liedje ‘Lichtje Branden’ (2021), zoals altijd geschreven met Arno Krabman en Leon Palmen, dat uitgroeide tot de soundtrack van hun persoonlijke drama. ‘Sterke mensen huilen niet. Die voelen meestal geen verdriet. Wat als ik zeg dat het ook anders kan?’ En er was ‘Niemand’, het liedje dat na het nieuws geschreven werd en voelt als het meest intieme inkijkje in een dagboek, dat niets te raden overlaat.

Ik beloofde je: ik blijf dichtbij
Is het van jou, dan is het ook van mij
Samen geen oog dichtgedaan
Maar 's morgens toch weer opgestaan
Niemand, nee, helemaal niemand
Weet waar we nu heen moeten
Het voelt nog vroeg
Dus, weet je? We vieren het leven
Weet dat we ooit hier weg moeten, maar
Het voelt nog vroeg
Wat er ook komen gaat
Weet dat ik naast je sta
En hier nooit weg zal gaan
Nee, niemand, nee, helemaal niemand
Weet waar we nu heen moeten, maar
Schat, het komt goed

‘Eerst geloven, dan zien’, herhaalt Freek het tegeltje dat aan hun wand hangt nog een keer. Of het goed komt is de vraag, maar tot die tijd houden Suzan en Freek de blik op de toekomst gericht.