Album van de Week (29): Mura Masa Album van de Week (29): Mura Masa

Eindelijk een album van een van de meest frisse popproducers van het moment

, Timo Pisart

Terwijl zijn debuutalbum steeds weer werd uitgesteld, stond Mura Masa al op Lowlands en Down The Rabbit Hole, en was de jonge producer zelfs al de headliner van de laatste editie van Pitch. Nu is de plaat er dan toch, en hij laat zijn sterrencast van Damon Albarn, Christine & The Queens en A$AP Rocky verfrissende traantjes plengen.

Knap hoor, hoe Mura Masa in staat is om het allerbeste naar boven te halen bij Christine and the Queens. Hij laat haar een gebroken harten-liedje fluisterzingen met niet veel meer dan een stemmig baslijntje en een gigantische bak galm. En tegelijkertijd is direct duidelijk dat dit een Mura Masa-liedje is: hier duikt een maffe duimpiano-sample op, daar een gesampelde fluit en even verderop opeens razendsnelle drum ’n bass-samples die de weg naar de club wijzen. Het lukt Mura Masa vaker op zijn debuutalbum om alles perfect in elkaar te steken: in het lekker cheesy ‘1 Night’ laat hij Charli XCX klinken als een computergegenereerde PC Music-zangeres en ‘helpline’ is een lichtvoetig indiepopliedje van het allerleukste soort. Op zulke momenten klinkt hij al even verfrissend als twee jaar terug, maar dan nu met een miljoenenpubliek.

Want wat een revelatie was Alex Crossan alias Mura Masa in 2015. De muzikant borrelde al een tijdje op de YouTube-trapkanalen maar kwam voor velen vanuit het niets met de EP Someday Somewhere. Daarmee zat hij zowel figuurlijk als letterlijk op een eilandje. Letterlijk, omdat hij woonde op het geïsoleerde Guernsey voor de kust van Noord-Frankrijk. En figuurlijk, omdat zijn sound ontzettend verfrissend voelde en hij als piepjonge laptop-muzikant niet echt in een scene te plaatsen viel. Tegelijkertijd hoor je op die EP direct hoe hij zijn voelsprieten online heeft uitstaan en alle elementen die hij aantreft tot iets nieuws weet te versmelten met de speelse naïviteit van een tiener die voor het eerst met Ableton aan de gang gaat. In zijn muziek hoor je de melancholieke elektronische popliedjes van James Blake, met exotische samples zoals Cashmere Cat ze ook gebruikte en soms zelfs HudMo-trapbeats.

Vooral het nummer ‘Firefly’ werd een bloghit én dansvloervuller in de meer verantwoorde indiedisco’s, en daarmee trok Mura Masa langs alle belangrijke festivals: van Pitch 2015 naar Eurosonic 2016, van Down The Rabbit Hole 2016 weer naar Pitch 2017. Dat laatste zelfs als headliner terwijl hij nog niet eens een album had uitgebracht. Op de podia werd duidelijk dat-ie nogal een alleskunner is: razendsnel switcht ie van keyboards en midi-controllers naar gitaar, dan weer trommelt-ie wat of zingt hij een melodielijntje in, geflankeerd door zangeres Bonzai.

Ergens hoor je wel op zijn titelloze debuutalbum dat Crossan alles kan en nog veel meer wil, en zich probeert te manifesteren als de grootste popproducer die past bij de streamingcijfers van zijn hits (zijn drie grootste tracks zijn opgeteld al goed voor een dikke 155 miljoen plays op Spotify). De plaat is overladen met overbekende gastartiesten en is al even kleurrijk als de meest overdadige toverbal. De remix van zijn eigen ‘Love$ick’ laat hij door A$AP Rocky nog verder dichtsmeren, op ‘All Around The World’ kun je Desiigner nauwelijks nog volgen door de fluit die er net iets te hard doorheen tettert en ‘Nuggets’ met Bonzai vliegt werkelijk alle kanten op. 

Hij trapt daarmee een beetje in de val waar zoveel popproducers in trappen wanneer ze een album maken met een overvloed aan gastartiesten: hij durft niet één duidelijke richting kiezen, en door zoveel stemmen en genres te laten horen is de plaat ongeveer even coherent als je Discover Weekly-playlist. En dan zijn acht van de dertien tracks die op dit album staan ook nog ’ns al eerder verschenen, ergens in de afgelopen twee jaar. Wat is het debuutalbum van Mura Masa dan nog meer dan een verzameling losse singles – de een beter dan de ander? En is dat erg? 

Op opener ‘Messy Love’ verknipt hij zijn eigen fluisterstem, gooit hem door de autotune en maakt er een soepel dansbaar liefdesliedje van. Die gitaar? Die had ie zo van Jai Paul kunnen lenen, en hoor je dat gebubbel op de achtergrond? Op de introverte ballad ‘give me The ground’ lijkt hij een soort Japans tokkelinstrumentje te bespelen en een ode te brengen aan Bon Iver en James Blake. 

Dat is misschien wel het allerknapste van zijn muziek: het is allemaal superemotioneel en hij laat zijn gastartiesten heel wat traantjes plenken omdat ze zo ziek zijn van de liefde, maar de dansvloer is nooit ver weg en het is allemaal zo catchy dat je halverwege het refrein al mee wil zingen. En de geluiden uit de club (het scratchen is cool, maar hij werd wel wat te enthousiast met de misthoorn) contrasteert hij kundig met exotische samples van harpen, weirde belletjes en fluiten. Daarmee toont hij zich een van de meest frisse popproducers van het moment die in korte tijd een geheel eigen stijl heeft ontwikkeld, en dat ook nog eens bijzonder fraai aar het podium weet te vertalen. 

Mura Masa staat op Lowlands en speelt 25 oktober in TivoliVredenburg.

De gasten van Mura Masa:

A$AP Rocky: De NY hiphop-grootheid die ooit prat ging op zijn bad bitches hunkert op 'Love$ick' schaamteloos emotioneel naar zijn meisje. 

Charli XCX: drie hits heeft deze popster-in-wording en een paar coole songs met SOPHIE. In de versnelde staccato zang op ’One Night’ weerklinkt die PC Music-vibe ook wel.

Desiigner: aanvankelijk mailde de rapper van ‘Panda’ alleen wat onverstaanbare ad-libs naar Mura Masa, uiteindelijk heeft-ie er toch nog wat zinnigs uit gekregen. Soort van.

Bonzai: de meest onbekende naam uit het rijtje, maar wel de vaste muzikale partner (en tourbuddy) van Mura Masa krijgt twee liedjes op de plaat.

NAO: deze Britse R&B-zangeres scoorde verreweg haar grootste hit met ‘Firefly’, de track die twee jaar geleden ook de doorbraak betekende voor Mura Masa.

Jamie Lidell: de freaky soulzanger overschreeuwt zich wel een beetje op ‘NOTHING ELSE!’

Tom Tripp: piepjonge zanger die getekend is op het label van Nao en zo bij Mura Masa terecht kwam voor het frisse indiepop liedje ‘helpline’. 

Christine and the Queens: de Franse zangeres klinkt nog het meest als zichzelf op het stemmige ‘Second 2 None’.

A.K. Paul: Anup K. Paul werkte al veel samen met z’n jongere broertje Jai Paul, en je hoort op de plaat goed hoe Mura Masa door hen is geïnspireerd.

Damon Albarn: hij figureerde ook al op ons vorige Album van de Week (Vince Staples) en de geestesvader van Blur en Gorillaz zingt bij Mura Masa dat-ie zo verliefd is dat-ie niet meer weet wat-ie met zichzelf aanmoet.

Nu op 3voor12