ADE26: Wedstrijdje hoogspringen in de BAJES met Skin On Skin
Bij Intercell delen house, garage en techno de cel met hiphop en drill

Nog drie feesten na deze. Maar pfoh, als we naar dat frisse, onvermoeibare stel kangoeroes voor Skin On Skin kijken, vragen we ons af waar die energie vandaan komt. Niet een beetje bouncen, maar springen. Hebben ze de hele zaterdag gespaard voor dit moment? Uit de speakers vliegen garage, drill, hiphop, techno en house. Wat níét, eigenlijk? De man achter de decks kijkt met een grijns van oor tot oor naar zijn eigen wedstrijdje hoogspringen. Wat. Staat. Deze. Bajes. Aan.
Een ghettotechplaat trekt de boel op gang, een techno-edit van ‘36 Zips’ komt erachteraan. Vervolgens weer een ander ritme, een nieuwe vocal, een bas die ergens tussendoor wordt geschoven. Het lijkt alsof genres én overgangen niet bestaan. Om de haverklap wordt er iets nieuws ingemixt, zonder dat het je aandacht van de dansvloer trekt. Je staat niet voortdurend te luisteren naar hoe knap er geschakeld wordt. Je bent vooral bezig met landen voordat je weer omhoog moet.

Skin On Skin komt met een grill in zijn mond en een flinke dosis swagger achter de decks staan, maar zonder afstandelijke supersterallures. Hij heeft het zichtbaar naar zijn zin. Af en toe een slok tequila uit de fles, zo’n glas is ook maar onhandig, en weer verder. Na een plaat rond de 140 bpm durft hij de boel terug te trekken met Lil Uzi Vert. Niet nóg een breakbeat om de druk erop te houden, maar een vertraagde hiphoptune. Ook terugschakelen kan onderdeel zijn van het gas geven!
Mapje bijwerken
Die combinatie van rap en rave komt niet uit de lucht vallen. Zijn eerste ep verscheen in 2019 bij Steel City Dance Discs; later werd ‘Burn Dem Bridges’ een herkenbaar voorbeeld van zijn versmelting van techno en drill. Zijn Boiler Room-set op het AVA-festival in 2022 bracht dat geluid bij een veel groter publiek. Maar wie hem sindsdien uitsluitend als techno-met-rap heeft opgeslagen, moet het mapje even bijwerken. Vandaag is ook melodie welkom, tot aan Milk Inc.’s ‘In My Eyes’ in de DJ Philip-remix toe. Belgische trance in de Bajes? Waarom ook niet?
Met zijn grill, grijns en die onuitputtelijke voorraad muzikale afslagen hoeft Skin On Skin na het knipwerk van camoufly en Oppidan en de druk van Bennett de middag niet opnieuw uit te vinden. Of het nou aan de tequila ligt of hij het gewoon naar zijn zin heeft: na een kwartier na tijd doorspelen is het toch echt tijd om de decks af te sluiten. Zeker vlak voordat ie aan het eind de mic pakt, de play-button indrukt, van de booth wegspringt en z'n eigen moshpit op de dansvloer maakt. Wat is 't ook een boef hè?

We lopen vooruit. Voor zijn Intercell-middag in Bajes Blok K, het voormalige Levenslang, heeft Skin On Skin een vriendenkring uitgenodigd die weinig opheeft met muzikale huisregels. House naast techno? Prima. Garage ertussendoor? Graag. Hiphop en drill mogen ook mee. De gastheer heeft de sleutels, maar zijn gasten krijgen behoorlijk wat bewegingsvrijheid.
EYCEE hoeft zich in ieder geval niet meer voor te stellen. Als een van de Amsterdamse UKG-pioniers nodigde hij Skin On Skin eerder al uit voor PARDON, zijn eigen clubnacht met een focus op Britse sounds. Vandaag gaat de uitnodiging de andere kant op.
Muzikale bewegingsvrijheid
Bij Oppidan en camoufly krijgt die muzikale bewegingsvrijheid volop de ruimte. De Britse producer en de gemaskerde Italiaan staan samen achter de decks, waar een wiebelend konijn in hoog tempo tunes door elkaar schroeft. Anonimiteit is bij camoufly onderdeel van het project: liever de muziek op de voorgrond dan het gezicht erachter. Door zijn samplegebruik, onverwachte arrangementen en melodieuze elektronica valt dat soms wat viezige, gebreide mutsje ook helemaal niet meer op.

Stevig garagefundament
Oppidan komt vanuit 2-step, vierkwarts-UK-garage en bass. Ze verhuisde van Noord-Londen naar Bristol om muziekproductie en sound engineering te studeren; haar garagebewerking van Adam F’s ‘Circles’ trok de aandacht van Disclosure en Conducta. Een stevig garagefundament dus, maar geen reden om de deuren naar andere ritmes dicht te houden. Bovendien kennen deze twee elkaar niet pas sinds de soundcheck: eerder dit jaar brachten ze samen ‘hold tight’ uit.
Tegen zessen klinkt een dikke UK-garageplaat waar dubachtige flarden doorheen vliegen. Een rafelige hooversynth hangt erboven, tussen de klappen duiken akkoorden op. Ounch, ounch, ounch. Even later schuiven volle akkoordenprogressies over de garagebeat en klinkt ‘Shake that ass’. Er wordt hier met tunes gesneden waar een papierversnipperaar nog iets van kan leren. Met ‘Too Many Man’ van Boy Better Know komt ook de Britse clubwereld van eind jaren nul voorbij. De directe, hoekige voordracht van grime tegenover de lossere beweging van garage: dat schuurt lekker. Vervolgens klinkt ‘hold tight, hold tight, hold tight’ en trekt in de gezamenlijke productie van camoufly en Oppidan een luchtalarm van hooverklanken door de muziek. Lieve mensen, dit is geen keurig rijtje standaard-UKG.
Opjutten
Het duo blijft elkaar maar opjutten. Pancratio’s ‘Be Yourself’ vliegt voorbij boven een zware garagebeat, daarna gaat er een grove breakbeat doorheen. Op tijd de galm open, weer een melodie naar voren, door naar het volgende fragment. Als de muziek wordt uitgefade, lijkt het even alsof we al klaar zijn. Het publiek, dat zo ongeveer het dak eraf springt, heeft duidelijk niet op de klok gekeken. Het is pas 18.21 uur. Even later krijgen we ook nog James Browns ‘Get Up (I Feel Like Being a) Sex Machine’ mee.

De nieuwe opstelling van de BAJES helpt. De dj staat aan de andere kant van de ruimte en dat werkt toch beter dan het verdomhoekje van waaruit eerder werd gedraaid. De aandacht zit nu waar hij moet zitten. Niet dat deze vloer veel aanmoediging nodig heeft. Ned Bennett zet er vervolgens een ander soort druk onder. De Australiër beweegt tussen jarennegentiggroovetechno, garage en veerkrachtige house. In de studio begint hij naar eigen zeggen vrijwel altijd met de drums: eerst zorgen dat het ritme iets doet, daarna pas de rest. Met een hardhouseremix van ‘Black Water’ krijgt die aanpak hier een concreet gezicht.
Ja, hij draait zijn eigen sound als geen ander, maar in een line-up die al zo bol staat van de energie? Een beetje teveel van het goede, met wederom UKG die niet echt uitgesproken of eigenzinnig klinkt. Enfin, de bas heeft in de remix een flinke slinger gekregen; de bekende melodie staat ineens op een steviger onderstel. Grappig om die plaat midden in deze jonge, internationale crowd te horen. Wat voor de een een herkenningsmoment is, kan voor de ander gewoon een nieuwe tune zijn. Dat past eigenlijk uitstekend bij de middag: het materiaal mag uit verschillende tijden en scenes komen. Zolang het de dansers maar energie geeft, is alles best!