Ass-Crack Stage-Hack editie 25

Film en geluidslandschap in het Filmhuis De Keizer

Tekst: Lourens Scholing Foto's: Jelmer Gremmen en Harco Rutgers ,

Zilveren editie van de Ass-crack Stage-hack, de concertreeks van het Deventer platenlabel esc.rec in Filmhuis De Keizer.

De Ass-crack Stage-hack, de concertreeks van het Deventer platenlabel esc.rec, doet voor haar zilveren editie het filmhuis aan en dat treft, want cinema is wat vanmiddag aan de orde is. De Ass-crack zou echter de Ass-crack niet zijn als dat zou inhouden dat we met zijn allen in het pluche kunnen wegzakken voor de nieuwste klotenfilm met Ryan Gosling of noem eens zo’n pierlewaaier. Vertoond wordt een zwijgende film, Hotel Monterey van de Waalse Chantal Akerman, waarbij de heren Jeroen Diepenmaat en Kevin Toma, geheel naar eigen inzicht en ter plekke, de soundtrack zullen verzorgen. Een verdwenen vorm van musiceren die, voordat film met geluid technisch mogelijk werd (pak em beet aan het einde van de jaren twintig van de vorige eeuw), vrij gebruikelijk was in bioscopen.

Hotel Monterey is een film uit 1972 over een in verval geraakt hotel aan de New Yorkse Upper West Side. Hoewel gespeend van een verhaallijn (en überhaupt van acteurs) heeft Akerman de film een duidelijke vertelstructuur meegegeven. Beginnend in de lobby neemt ze de kijker mee door liftschachten, hotelkamers, wasruimtes en spelonkige kelders, om uiteindelijk buiten de schil van het gebouw te kruipen met lange panning shots vanaf de balkons. Daarbij wisselen figuratieve en meer abstracte beelden elkaar in glaciaal tempo af. Ouden van dagen hangen verveeld in vaal meubilair waar de geur van Old Spice en droge Martini’s bijna vanaf lijkt te stomen. Liftdeuren zwaaien, mooi gestut door percussieve geluiden van de muzikanten, kennelijk uit eigen beweging open en weer dicht. Verwarmingsbuizen tikken polyritmisch, al naar gelang het ploffende vinyl van Diepenmaat en het disharmonische pianospel van Kevin Toma. Wat zich ontvouwd is een anatomie van een gebouw dat een stad in zich heeft opgezogen en nu dreigt te zwichten onder haar eigen gewicht. Dit is de wereld van de Amerikaanse schilder Edward Hopper, van “eye-searing color or delicate harmonies of faded paint (...) that taper off into swamps or dump heaps,” zoals deze het ooit uitdrukte.
Probleem is natuurlijk dat een dergelijke thematiek weinig origineel is. Stedelijk verval is een romantische gemeenplaats zolang er sprake is van romantische gemeenplaatsen. Het geldt als een vanitas, een herinnering aan de ijdelheid van menselijke inspanningen; waar het eens kolkte van bedrijvigheid is nu het onherroepelijke verval, verstilling. Akerman echter slaagt er in het cliché te vermijden door haar onderwerp als het ware te ontzielen. Lege gangen worden colorfields en ellenlange, onbewogen shots benadrukken het schilderachtige en het esoterische van haar intenties.

En Diepenmaat en Toma hebben die boodschap begrepen. In plaats van te tasten naar voor de hand liggende, gotische stijlfiguren houden ze het bij een celebrale, bijna abstracte muziek. Bovendien slagen ze erin op geen enkel moment voor de film te kruipen, wat absoluut een prestatie is gezien het minimalistische karakter van de exercitie. Eén en ander resulteert in een bijzondere esthetische evaring, maar wel een die bij vlagen de concentratiespanne van de toeschouwer tot het uiterste test. Bovendien had ik liever gezien dat de muzikanten, pal voor het doek, niet waren uitgelicht. Dat was de synthese van beeld en geluid zonder meer ten goede gekomen.
 

Jeroen Diepenmaat is beeldend kunstenaar en geluidsartiest die voor zijn muziek de geluidsdrager, of preciezer de langspeelplaat, zelf tot instrument maakt. Kevin Toma is sample-artiest, DJ en filmnerd. Meer van de laatste is te zien op de Ass-crack editie 27, 21 oktober 2013, op dezelfde locatie.
 

http://www.jeroendiepenmaat.nl/
http://kevintoma.nl/
http://www.escrec.com/